Roken is een verslaving, geen lifestyle-issue

Door Annebeth Dermer

GGZ Nederland vindt dat personeel in de ggz moet kunnen werken in een gezonde, veilige en rookvrije omgeving. Daarom is GGZ Nederland samen met een netwerk van leden bezig om instellingen te faciliteren om stap voor stap een rookvrije organisatie te worden. GGz Breburg werkt al een langere tijd aan een rookvrije organisatie. Projectleider Anton van Balkom legt uit hoe bij hen het proces tot nu toe is verlopen. 

GGZ Breburg fungeert namens GGZ Nederland als coördinator en aanjager van de GGZ rookvrij, de beweging die is ingezet om alle ggz-instellingen versneld rookvrij te krijgen. Van Balkom vertelde in een bijeenkomst van het netwerk hoe GGz Breburg op weg is een rookvrije instelling te worden. Daarna gingen 25 leden van GGZ Nederland met elkaar in gesprek over de aanpak van rookvrij beleid in hun organisatie.

Draagvlak bij GGz Breburg

Bij GGz Breburg moest vaak de brandweer komen. In 90% van de gevallen werd dit door roken veroorzaakt. Mede hierdoor toonden zowel de Raad van Bestuur als de Cliëntenraad zich bij GGz Breburg zeer gemotiveerd voor een rookvrijbeleid. Met dat interne draagvlak kon een projectgroep aan de slag. Lees hier de brochure met ervaringsverhalen over stoppen met roken bij GGZ Breburg.

Aanpak GGz Breburg

De aanpak komt op de volgende vijf pijlers neer:

  1. Cliënten mogen alleen buiten roken.
  2. Medewerkers mogen alleen in eigen tijd roken.
  3. De nicotineverslaving wordt in de behandeling/verpleging geïntegreerd.
  4. De cultuur rondom het roken wordt doorbroken. Roken wordt nog vaak gebagatelliseerd en het gebruik wordt goed gepraat met niet-deugdelijke argumenten zoals: het is het laatste wat ze hebben en de beste gesprekken voer ik als we roken.
  5. Iedereen heeft recht op een rookvrije werkplek/rookvrije woonplek.

In zes maanden wordt de aanpak eerst voor medewerkers en daarna in zes maanden voor de patiënten geïmplementeerd. Het idee is ‘de verslaving verdrijven, niet de rokers’.

In de behandeling wordt stoppen als onderdeel meegenomen, want uit onderzoek blijkt dat het werkt als behandelaren een stopadvies geven. Slechts 30 à 40% van de behandelaren doet dit ook daadwerkelijk.

Medewerkers in de gezondheidszorg zouden zich volgens Van Balkom meer kunnen gedragen als ambassadeur van de gezondheidszorg. “Daarbij past het niet om het roken goed te praten of je zelf te presenteren als roker, zeker niet tijdens werktijd. Niet-roken moet de norm zijn” zegt Van Balkom. Aan roken sterven jaarlijks minimaal 20.000 mensen en aan meeroken minimaal 2000.

Recht op een rookvrije werkplek en woonomgeving

Elke werknemer heeft recht op een rookvrije werkplek. In de geestelijke gezondheidszorg wordt er nog vaak onvrijwillig meegerookt door medewerkers die actief zijn in beschermde woonvormen en ambulant werken. Ook zijn er niet-rokende cliënten die moeten samenwonen met rokende mede-cliënten. Personeel is terughoudend met het opkomen voor hun rechten omdat ze geen inbreuk willen doen in de privésfeer van de cliënt of omdat ze angstig zijn de relatie te schaden. Het zou wenselijk zijn als de medewerkers zich meer gesteund voelen door hun werkgever als ze opkomen voor een rookvrije werkplek. In de praktijk hebben cliënten vaak begrip voor de rookvrije werkplek van begeleiders en willen hun rookgedrag aanpassen. Ambulante medewerkers zouden gesteund kunnen worden als de organisatie contractueel heldere afspraak maakt met de cliënt over het aanbieden van een rookvrije werkplek ambulant voor de ambulante begeleider. Bij een groot aantal organisaties is de afspraak al dat de cliënt zijn woning tijdig voor komst van de medewerker lucht.

In de bijeenkomst kwam een heel aantal vragen naar voren. De cultuur  van het roken doorbreken, werd als grootste probleem ervaren. Men vindt het lastig om elkaar aan te spreken. Een projectleider die hier actief de organisatie over ingaat, kan daarin een oplossing zijn. Zoals bij GGZ Breburg de projectleider het thema onder de aandacht blijft brengen en de teams langsgaat om dit te realiseren.

Op weg naar een rookvrije ggz

In de ggz-sector wordt al door verschillende partijen hard gewerkt om roken in de ggz tegen te gaan. In het kader van het Preventieakkoord heeft GGZ Nederland samen met Verslavingskunde Nederland de ambitie uitgesproken de ggz en verslavingszorg versneld rookvrij te krijgen. Het netwerk de GGZ Rookvrij  onder coördinatie van Anton van Balkom werkt hieraan. Het netwerk, van oorsprong een initiatief van GGz Breburg is een groep medewerkers uit de geestelijke gezondheidszorg die minimaal twee keer per jaar bij elkaar komt om elkaar te inspireren en successen uit te wisselen in het rookvrij maken van de ggz. Vaak wordt er ook een spreker uitgenodigd om een thema nader toe te lichten. Voorlopig is afgesproken dat per 2020 100% van alle leden van GGZ Nederland een bronzen status heeft behaald volgens de methodiek via zelf-audits van het Global Network for Tobacco free healthcare services (zie bijlage voor de audit). GGz Breburg heeft in juni 2018, als eerste organisatie voor geestelijke gezondheidszorg de bronzen status behaald. Deze audit geeft een perfect inzicht hoe rookvrij jouw organisatie is op acht standaarden. Verslavingsarts Robert van de Graaf heeft een introductie over rookvrijbeleid op youtube gepubliceerd. Daarnaast heeft het Trimbos-instituut veel informatie beschikbaar over stoppen met roken.

Duidelijk werd in de bijeenkomst dat roken een verslaving is met ernstige gevolgen, waar de ggz-instellingen zowel hun cliënten als medewerkers vanaf willen en kunnen helpen om een vitaler leven te kunnen leiden.  De deelnemers van de bijeenkomst waren enthousiast om deel te gaan nemen aan het netwerk de GGZ Rookvrij dat eind september bij elkaar komt. Geïnteresseerden voor deelname aan dit netwerk kunnen zich hiervoor aanmelden door een bericht te sturen naar Anton van Balkom: antonb@ggzbreburg.nl

Bron: ggz-connect.nl

blogpost GGz rookvrij